Vissers zien door aanlandplicht geen toekomst meer

Als vissers al hun bijvangst aan wal moeten brengen, is er geen toekomst meer voor de Nederlandse visserij. Dat is de conclusie van de circa 70 vissers die zaterdag aanwezig waren tijdens de Haventour op de Urker visafslag.

De Haventour is een initiatief van de gezamenlijke Blueports in samenwerking met visserijorganisaties VisNed en Nederlandse Vissersbond. Tijdens de bijeenkomsten, die op korte termijn ook in Den Helder en Stellendam worden gehouden, worden visserijondernemers in de gelegenheid gesteld mee te denken over mogelijke oplossingen voor de aanlandplicht, maar volgens de op Urk aanwezige vissers is het besluit onuitvoerbaar. ‘Deze maatregel zorgt op geen enkele manier voor verduurzaming van de visserij’, zegt Durk van Tuinen namens de Nederlandse Vissersbond. De aanlangplicht gaat de Nederlandse visserij ongeveer 15 miljoen euro per jaar kosten, schat hij. ‘Ik vrees voor hele grote problemen.’

Ook Pim Visser, voorzitter van visserijorganisatie VisNed, is diep teleurgesteld. Acht weken geleden schreven de visserijorganisaties samen met de Redersvereniging, Visfederatie en visafslagen een brief aan het ministerie van Economische Zaken, waarin ze aangaven dat ze het niet ondenkbaar achten dat de Nederlandse kottersector aan de aanlandplicht onderdoor gaat. Ze vroegen onder meer om een uitzondering voor de soorten tong, schol, tarbot en rog. ´We hebben gisteren pas een antwoord gekregen en de reactie doet totaal geen recht aan de volledige paniek die is ontstaan bij de vissers en visserijbestuurders. We stoppen nu met brieven schrijven en willen deze week een persoonlijk gesprek met de staatssecretaris om de grote paniek onder de aandacht te brengen. Anders hebben de andere Haventours die op de agenda staan geen enkele zin meer.´

De aanlandplicht, die 1 januari 2014 gefaseerd wordt ingevoerd, verplicht vissers om alle bijvangst aan wal te brengen, dus ook jonge vis, die dit niet zal overleven. Niemand in de visserij begrijpt iets van de maatregel. De bijgevangen vis mag niet voor consumptie gebruikt worden, maar waarvoor wel, moet nog worden onderzocht. In de huidige visserijpraktijk wordt de te kleine vis overboord gegooid. Een deel van deze vis overleeft, het andere deel wordt opgenomen in het ecosysteem. De nieuwe wet vergt een grote investering van de vissers, die door alle maatregelen van de afgelopen maanden nu het hoofd al bijna niet meer boven water kunnen houden.

De vissector heeft aan het ministerie laten weten hun uiterste best te doen om de bijvangst zoveel mogelijk te verkleinen door nog selectiever te vissen. Twee schepen zijn al acht jaar bezig met onderzoek. 'Onze resultaten zijn veelbelovend´, vertelt Maarten Drijver, voormalig visser en voorzitter van visserijorganisatie DETV Texel. 'Door onder meer scheidingspanelen te gebruiken en met wijdere mazen te vissen, kunnen we  30 procent van de te kleine vis laten ontsnappen. Dat zal ongeveer het hoogst haalbare zijn. Het volledig uitbannen van ongewenste bijvangst, zoals de overheid dat wil, is onmogelijk.´

Visser Jelle Hakvoort vult aan: ´Denk ook aan sociale werkomstandigheden en de consequenties hiervan. Het beperken van de bijvangst kost veel extra werk. Als de aanlandplicht er komt, zie ik geen overlevingskansen meer. Hier kunnen we niet tegenop.´

De emoties in de zaal lopen hoog op. ‘Ze kunnen ons beter een pot met geld geven voor sanering. Dan zijn ze overal van af’, aldus één van de aanwezigen. Een ander: ´Deze nieuwe regelgeving is een juridische brei die voor mij niet te snappen is. Iedere vrijheid wordt weggenomen. Het lijkt wel een communistisch systeem. Als visserman is hier geen beginnen aan. Mijn kinderen kunnen mij niet opvolgen, omdat er totaal geen toekomstperspectief meer is.´ En: ‘Na 25 jaar regelgeving zou het nu tijd moeten zijn voor een beloning. Maar in plaats daarvan worden we geconfronteerd met nieuwe regels en zijn we terug bij af.’

Judith Elsinghorst van het Ministerie van Economische Zaken erkent dat de opgave heel groot is, zowel voor de vissers, als de wetenschap en de overheid. ‘Maar de aanlandplicht is een feit. 28 lidstaten hebben voorgestemd. Er zal dus een invulling gegeven moeten worden aan de plannen. We beseffen heel goed dat de relatie tussen de overheid en de vissers uit elkaar is gegroeid, maar toch is het beter om het probleem gezamenlijk op te pakken.’ Volgens Elsinghorst is de aanlandplicht een reactie op de wensen van de consument. ‘Ongewenste vangst is en blijft een vorm van verspilling waar een antwoord op gegeven kan worden.  De Nederlandse overheid ziet de aanlandplicht als een stimulans om selectiever te vissen en wij hopen dat deze regel straks goed ingepast wordt in de Nederlandse visserij.’

Download hier een passende afbeelding bij het bericht: aanlandingsplicht1.jpg

Meer weten over de vissector?
Ga naar de website van het Nederlands Visbureau ›